Gil Vicente – Het helleschip (12) – De moraal van het verhaal

Gil Vicente (1465-1536) was musicus, acteur en regisseur, maar vooral toneelschrijver. De vader van de Portugese toneelkunst wordt hij genoemd. Hij maakte de overgang van middeleeuwen naar renaissance en haalde de volkstaal op de planken met zijn farsas, ‘kluchten’, en autos, ‘moraliteiten’ of ‘zinnespelen’, waardoor hij op zijn beurt tot op heden de taal beïnvloedt. Zijn werk trok tot ver buiten Portugal en Spanje (hij schreef ook in het Spaans) de aandacht en er wordt beweerd dat Erasmus Portugees leerde om hem te kunnen zien. Vermaard was zijn moralistische  trilogie over hemel, hel en vagevuur Auto da Barca da Glória, dit Auto da Barca do Inferno en Auto da Barca do Purgatório. Zijn stukken worden nog altijd opgevoerd. We publiceren hier als feuilleton van twaalf afleveringen een integrale vertaling van deze moraliteit. Met tekeningen van Zuca Sardan en foto’s van Ana Carvalho. De vertaling is van Harrie Lemmens. Hier volgt aflevering 12. De vorige aflevering leest u hier.

Muziek voor de opkomst van vier zingende ridders, uitgedost met het kruis van Christus. Voor dat kruis en de verbreiding van het heilige katholieke geloof zijn zij gestorven in handen van de Moren. Zij die op die manier gestorven zijn genieten het voorrecht van kwijtschelding van hun schuld, zoals vastgelegd door de pontifices maximi van de heilige Moederkerk. En het lied dat zij zongen ging als volgt:

Ridders: Naar ’t schip, het veilige schip.
Het mooi opgetuigde schip,
Naar ’t schip, het schip van ’t leven!

Gij die werkt en wroet
Voor het vergankelijke leven,
Gedenk om Godswil, gedenk
Deze geduchte kade!

Naar ’t schip, gij stervelingen,
Het mooi opgetuigde schip, 
Naar ’t schip, het schip van ’t leven!

Hoedt u, al gij zondaren,
Want na de graflegging
Wacht bij deze rivier uw lot
Van geneugten of van pijnen!

Naar ’t schip, naar ’t schip gij allen,
Het allerwaardigste schip,
Naar ’t schip, het schip van ’t leven!

En terwijl ze zo met hun zwaarden en schilden zingend voorbijtrekken aan de boot der verdoemden, wendt de veerman naar de ondergang zich  tot hen met de woorden:

Duivel: Ridders, waar gaat gij heen? Vertel op.

Eerste Ridder: Wat wil je Satan? Weet wel tegen wie je spreekt!

Tweede Ridder: Je kent ons niet eens aan wie je je vragen stelt.

Derde Ridder: Wij zijn gesneuveld op de Kruistochten.

Vierde Ridder: Daarmee is wel genoegd gezegd.

Duivel: Niet hier instappen? Wat is dat nou, zeg? Ik snap er niets van?

Eerste Ridder: Wie omwille van Jezus Christus de dood vindt, stapt niet in een boot als deze!

De ridders lopend zingend door naar het schip van het heil. Als ze daar aankomen, zegt de engel:

Engel: O ridders van God, op u was ik aan het wachten, want gij zijt strijdend voor Christus, de Heer der Hemelen, gestorven! Ge zijt vrij van ieder kwaad, martelaren voor de Moederkerk, want wie in die strijd sneuvelt verdient de eeuwige vrede!

En zo gaan de ridders aan boord.

EINDE

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*


Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.