Maria Afonso – All is done

Maria Afonso werd geboren in 1961 in Fóios, Sabugal en woont in Guarda. Ze heeft poëzie, korte verhalen, en teksten gepubliceerd in kranten, tijdschriften, bloemlezingen, catalogi en exposities van fotografie en beeldende kunst. Ook heeft ze deelgenomen aan literaire evenementen in Portugal en daarbuiten. Ze schreef de teksten bij de foto´s in het benefietboek À Sombra do Olhar (In de schaduw van een blik) uitgegeven door Editora Mosaico de Palavras. Haar gedichten zijn op muziek gezet door de componisten Pedro Lima en Manuel Freire. 

Het boek A Inutilidade das Coisas bevat een verzameling columns die in de loop van zes jaar zijn geschreven en gepubliceerd in de krant O Interior. Het zijn verhalen waarin het alledaagse samenkomt met persoonlijke reflecties en een scherpe blik op de wereld.

Maria Afonso zegt uit impuls te schrijven, waarbij ze in het schrijven een terugkeer naar de schoot van de kindertijd herkent. Ze zegt ook de dingen niet te zien zoals ze zijn, maar zoals ze haar doordringen, in een intieme oefening waarin herinnering, emotie en identiteit in elkaar overvloeien en zich openbaren.


Ze strijkt met haar bleke handen over de bladzijden van het fotoalbum. Haar roodgeverfde nagels steken af tegen haar gerimpelde huid. Ze verbaast zich niet meer over de vlekjes die de tijd erop heeft getekend. De ring vond ze altijd te groot voor haar handen, maar toch heeft ze hem al jaren niet meer afgedaan. Ze heeft nooit de moeite genomen om de naam van die heldere ovale steen te achterhalen. Het volstond om het gewicht ervan te voelen en de helderheid van de dag dat ze hem kreeg.

Haar oog blijft hangen bij een foto op één van de bladzijden. Ze vouwt de linkerbovenhoek om alsof ze een boek leest en even moet pauzeren. Zo zal ze nooit in de war raken en altijd weten in welk hoofdstuk van haar leven ze is blijven steken. Ze ziet zichzelf in een kort tulen jurkje, een zwart leren jack, veterlaarzen en een baret op haar hoofd. Ze staat op de trede van een trap met een geverniste houten leuning. De blauwe verf op de rondlopende muur bladdert af. Het licht valt binnen door het grote halfopen raam. Ze danst. Ze springt als in een spel om niet op het licht te trappen. Ze maakt een pirouette en steekt haar armen in de lucht. Het is een lang vervlogen zaterdagochtend.

Tussen een paar luchtige vragen door vervolgt ze haar reis. Het album ligt op een bed met spierwitte lakens. Sommige foto´s doorbreken de helderheid van de stilte. De twijfel over wat er is gebeurd en bijna is vergeten, intrigeert haar. Daardoor worden haar bewegingen trager. Laat de dagen niet voorbijvliegen. Bekijk elk beeld in alle rust, zoals de damp die traag van het water scheidt. Steek de oceaan over en zie hoe de nacht de woorden wegknipt. De horizon is nog steeds zichtbaar en wordt door de getijden op en neer bewogen. In een dichte mist wordt de stem van de geportretteerden bedekt met stof. 

Ze brengt haar handen naar haar gezicht. Diepe en minder diepe rimpels verraden haar leeftijd. Ze vouwt de hoek van een andere bladzijde om. Ze kijkt naar een foto van een oranje jurk bezaaid met bloemen. Bruine leren sandalen. Platte zolen. Zodat ze stevig staat. Ze zet de ene voet voor de andere en loopt. Het leven was een rechte lijn op een marmeren vloer. Niets kon haar afleiden. Misschien was het daarom dat niet haar hele lichaam werd afgebeeld.

Ze maakt haar haar los en er zitten kleine glinsterende steentjes in haar huid alsof ze een plek markeren. Het is een schaduwrijke plek waar het geheim brandt. De bomen zijn gegroeid en de droogte van de wereld heeft de plassen opgeslokt. Die foto´s zijn niet meer echt. Er woont niemand meer. Ze roepen geen herinneringen meer bij haar op. Alsof een ziekte alle levenstekens heeft uitgewist.

De wegen scheiden zich. Ze weet niet meer waar ze bij hoort. Langzaam slaat ze het album dicht alsof ze een deur sluit. Ze heft haar hoofd op terwijl ze opstaat. De spiegel op de toilettafel toont haar beeltenis. Ze loopt ernaartoe. Altijd hetzelfde beeld – zij met haar roze lippen, hij met een sigaret in zijn mond. De matras die dient als bed en een platenspeler op de grond. Ze zit op een stoel met haar benen op de vensterbank. Ze gaat dansen tot de muziek stopt. Als ze haar hoofd draait, valt haar blik op de transparantie van de steen in de ring van al die jaren. Zonder het te beseffen fluistert ze langzaam – “All is done”.

Uit: Maria Afonso, A Inutilidade das Coisas.
Crónicas 2018-2024,
Edições Sem Nome, Porto, 2026

Vertaling Jos van den Hoogen 
Foto Ana Carvalho

Be the first to comment

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*