De kunst van het stelen – Manuel da Costa (1)

De boel oplichten en belazeren lijkt in onze genen te zitten. Wat begon met linzensoep (‘Ook een bord?’ vroeg Jakob aan Ezau) kan inmiddels bogen op een eeuwenlange traditie van tillen, neppen en bedonderen, soms in de vorm van ongegeneerd jatten, soms geraffineerd verhuld door gladde praatjes en beste bedoelingen. ‘U hebt gewonnen in onze loterij, druk op de link en u bent binnen!’ gillen regelmatig e-mailtjes, in de wetenschap dat er altijd wel een nieuwsgierige vinger bereid is zijn computer over te leveren aan malversanten.

Al in de zeventiende eeuw waarschuwde de Portugese jezuïet Manuel da Costa tegen de grijpgrage klauwen van het grissende gespuis dat zoveel gedaanten aanneemt. Van laag allooi tot hoog sociaal gehalte. Van ganneferij tot geldzwendel. Van gemaskerde struikrovers tot goedgebekte bankmagnaten. In korte stukjes, zeg maar vroege columns, maakt hij de argeloze lezer attent op de diverse vormen van zwendel en knoeierij. Ze werden gebundeld in wat later een Portugese klassieker is geworden: Arte de furtar. In 2010 werd de Nederlandse vertaling, De kunst van het stelen, uitgegeven door Athenaeum-Polak & Van Gennep. Het nawoord kunt u hier lezen.

We vroegen Zuca Sardan om een aantal hoofdstukken uit het boek van een passende tekening te voorzien en Ana Carvalho koos een logo voor deze nieuwe, driedelige reeks in Zuca-Magazine.

1. Over hen die dieven zijn en geen concurrentie dulden

Over de leeuw vertellen de inboorlingen dat hij zijn prooien niet alleen vangt, maar ze tegelijkertijd beschermt, om te verhinderen dat een ander dier, hoe woest ook, ze aanraakt. Nog verder gaan de haviken uit Noorwegen, die de laatste vogel die ze ’s winters in hun klauwen krijgen in leven houden om er ’s nachts hun poten aan te warmen. Wanneer het licht wordt, laten ze hem gaan en kijken nauwgezet waar hij naartoe vlucht. Daar gaan ze dan niet jagen, om niet de vogel te doden waarvan ze iets heilzaams hebben ontvangen. Ze beseffen echter niet dat hij in de klauwen van andere haviken zal belanden.

Je hebt dieven die erger zijn dan deze roofdieren, en dat zijn net als zij de machtige. Ze gedragen zich echter zonder uitzondering als leeuwen, die niet toestaan dat andere dieren zich voeden met hun prooi, en niet als haviken, die de prooi waarvan ze profijt hebben gehad loslaten voor andere vogels. Geen gezelschap dulden bij een handel waar gewin mee te behalen valt is een vorm van eerzucht en eigenbelang die we de naam diefstal kunnen geven. Het is een handelwijze die tegengesteld is aan de normale gang van zaken bij dieven, die het liefst optrekken in bendes en kameraden hebben en met velen zijn om elkaar te helpen. Maar dat geldt alleen voor dieven die niet nadenken en voor schurken van laag allooi. Fatsoenlijke dieven van adel willen alleen zijn en dulden niemands steun. Dat is duidelijk te zien op de eilanden en in de wingewesten, maar ook hier in Portugal.

Stel, ergens komt een bepaalde in het buitenland gewilde en gewaardeerde grondstof voor, dan zullen die buitenlanders die op een gegeven ogenblik onherroepelijk komen halen met hun vrachtschepen. Wat doet de machtige dan? Hij neemt de hele productie op voorhand af tegen de laagste prijs en dwingt de landbouwers alles bij hem thuis te bezorgen. Omdat hij nu heer en meester is over die grondstof, kan hij naar eigen goeddunken een prijs vaststellen en wordt het voor de buitenlanders slikken of stikken. Dat doet zich vaak voor bij wede van de Azoren, leer uit Kaapverdië, brazielhout, kaneel uit Ceylon, indigo, bezoarstenen en andere producten. En hier bij ons zien we het dag in, dag uit gebeuren met brood, krenten uit de Algarve, amandelen, tonijn en haast alle koopwaar die uit het buitenland komt, zoals planken, boeken, baaien stoffen, zijde, linnen en noem maar op. De tussenhandelaren kopen complete vrachten op en omdat ze op die manier het monopolie krijgen, worden ze koningen. Alleen koningen mogen immers monopolies vormen, en omdat het alleen koningen is toegestaan, maakt het hen zo rijk. Die alleenverkoop is trouwens iets waar men uiterst attent op dient te zijn, in het bijzonder wat de elementaire levensbehoeften betreft, zoals voedsel en kleding. Dat er monopolies bestaan op kwikchloride, speelkaarten, tabak, peper en diamanten, vooruit, dat kan geen kwaad, want we kunnen leven zonder deze producten, maar toestaan dat gierige rijken brood inslaan en achterhouden om het acht keer zo duur te verkopen terwijl het volk erom schreeuwt, nee, dat niet. Die wantoestand moet rigoureus worden aangepakt door een wet die op straffe van de dood verbiedt graan te verkopen voor meer dan drie tostões. Dat zal heus niet leiden tot een graantekort, eerder tot een overschot, want voor buitenlanders is het een goede prijs en de boeren krijgen er nu toch nooit meer voor, zodat ze het zullen blijven zaaien en leveren. En als de opkopers hun hebzucht moeten laten varen zal iedereen volop brood hebben.

Zo moeten er vaste prijzen komen voor alle koopwaren, want de prijzen schieten werkelijk zonder enige aanleiding omhoog en het volk klaagt tevergeefs steen en been. Een hoed die vroeger één cruzado kostte, kost er nu drie. Een el laken, die van de hand ging voor drie tostões, gaat nu niet weg voor minder dan zeven. De prijs van een paar schoenen is al gestegen van tweehonderdveertig tot vijfhonderd réis. En zo is het met alles. Als je de verkopers vraagt naar de reden van die excessieve prijsstijgingen, antwoorden ze dat ze tienden moeten betalen. Dat raakt natuurlijk kant noch wal, want waarom zouden wij moeten opdraaien voor hun belasting? Bovendien verhogen ze de prijs niet met een tiende, maar met de helft of meer. Dit zij terloops vermeld, hoewel het ook behoort tot het terrein van de dieven die geen andere naast zich dulden, want doordat elke ambtenaar bij het afwikkelen van zijn zaken buitensporige winsten opstrijkt, laat hij geen ruimte voor wie net als hij iets wil verdienen, en belet hij agenten en tussenhandelaren om ook maar een stuiver te vangen.

Maar laten we terugkeren naar de monopolisten, die het zwaartepunt vormen van dit hoofdstuk, dat ik wil afsluiten met twee duistere praktijken in de wijnexport naar Brazilië die de Beurscompagnie veel geld kosten. Ze sturen een agent vooruit naar Madeira om wijn in mostvorm op te kopen tegen de laagste prijs, en als de schepen binnenvaren om de vracht te laden, overhandigt hij die most, gekookt tot wijn, voor een veelvoud van wat hij gekost heeft, alsof hij werd uitgezonden om alleen voor zichzelf te handelen en niet voor de compagnie, waarvan het kapitaal was waarmee hij de eerste stap heeft gezet. Bij aankomst in Brazilië, waar een vat niet mag worden verkocht voor meer dan veertigduizend réis, koopt een persoon alles op voor genoemde prijs en deelt de Beurs mee dat hij de partij heeft verkocht voor wat het reglement voorschrijft. En het fijne heerschap dat al die wijn heeft opgeslokt, plakt er vervolgens een andere prijs op die de honderdduizend réis overstijgt. Zo strijkt hij, wie het ook is, straffeloos de winst op en verhindert dat degenen die het kapitaal hebben ingebracht, met alle risico’s vandien, zulke hoge winsten maken. Voor de overige waren geldt: wat zal wie zo grijpt wat vloeibaar is wel niet doen met wat vast is? Laat alle opkopers weten dat ze erger zijn dan leeuwen, omdat ze de winst voor zichzelf reserveren en anderen weghouden van hun prooi. Bij leeuwen gebeurt dat uit grootsheid, bij hen uit schurkendom, om het woord ‘ploertigheid’ niet te gebruiken. En ze zijn ook erger dan haviken, want die laten hun jachtbuit los voor andere haviken terwijl zíj alles zelf houden en niet toelaten dat anderen er ook op vooruitgaan. We zouden er allemaal op vooruitgaan als er een wet bestond die zegt dat wie alles opkoopt alles verliest. Dat zou niet meer dan billijk zijn op grond van de regel die zegt dat wie alles wil, niets krijgt.

(Hoofdstuk 5)
Athenaeum-Polak & Van Gennep 2010
Vertaling Harrie Lemmens
Tekening Zuca Sardan
Foto Ana Carvalho

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*


Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.