Zon & Zeer – Houdini (2)

Door Harrie Lemmens Porto. Twee mannen op de hoek van de straat, druk in de weer met iets waarvan ze wellicht zelf niet wisten wat het was. Voorovergebogen turend naar hun handen. Roerloos rug aan rug. Aan hun voeten een aktetas, waardoor hun bezigheid nog dringender, doelgerichter en belangrijker leek. Ze zwegen. Daags daarna stonden ze er weer. De tas lag nu op het trottoir aan de overkant. Zij zwegen verder. Aan het werk. Ik liep door naar de supermarkt. Ineens klonk er muziek op. Een mondharmonica. Een oude man in een sjofele regenjas tot op de enkels duwde de noten voor zich uit de winkel in. Op zijn hoofd een hoed en voor zijn ogen een zonnebril met stralend wit montuur. Monter verdween hij tussen de schappen. In de rij voor de kassa schoof hij achter bij me aan. ‘Com licença,’ mompelde hij, glimlachte vriendelijk zijn enige tand bloot en zette zijn aankoop op de band: een ontstopper. ‘Zullen we samen spelen?’ stelde ik hem voor, pakte de plopper en gaf het ritme aan. Glunderend haalde hij zijn mondharmonica uit zijn zak en begon te spelen. De plopper was een bel geworden die hij en ik hoorden, de rest van de supermarkt niet. Zijn spel wel. Vroeger had hij een accordeon en een piano, zei hij. Had hij helaas niet meer. Zijn geest was waarschijnlijk even gekreukt als zijn jas, maar je zag het rooskleuriger verleden nog aan hem. En hij leefde. Onbekommerd, in de stolp van zijn muziek. Drie mannen in Porto. De kans was groot dat ze opgenomen waren in de psychiatrische inrichting Magalhães Lemos daar in de buurt en ik dacht opnieuw aan Reis naar het einde van António Lobo Antunes: Je had dus de gekken van Benfica, de magere jonge vent die altijd krekelkooien bij zich droeg en fel uitvoer tegen de dichte ramen van de onverschillige huizen, de man die in het carnavalskostuum van een politieagent op een straathoek het verkeer regelde, met een rode kop van energiek gezag, de twee ongehuwde zusters, kromgebogen als kaketoes, dochters van een piloot van watervliegtuigen, wiens foto met helm en gevoerd jack aan de muur tevergeefs het middagdutje van de kat bedreigde, die als er op zomermiddagen traag en stemmig een begrafenisstoet wegreed van de kerk, naar voren drongen, met hun kunstgebit het pruttelen van de propellers nadeden en als vogels rond de lijkwagen trippelden, klaar om met de schommelende omhaal van vermoeide engelen weg te vliegen boven de bomen. Foto Ana Carvalho

     Doem-me a cabeça e o universo. Mijn hoofd en de wereld doen zeer. Fernando Pessoa 

Um novo sol já vai raiar. Een nieuwe zon zal stralen. Vinicius de Moraes

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*


Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.