Zon & Zeer – Gedoe

Door Harrie Lemmens

Dichten, zo heet het, is een gewichtige, welhaast sacrale aangelegenheid, in zijn plechtige ernst alleen overtroffen door het spel van kleine kinderen in een hoekje van de kamer – ik denk terug aan mijn zoon die als driejarige in een verre stad hele verhalen bouwde van mijn muziekcassettes (voor wie het niet meer weet: een soort spotify in een doosje). En ook al weet je nooit of ze het menen – ‘de dichter doet alsof’ schreef Fernando Pessoa niet voor niets in zijn ‘Autopsychografie’ –,  dichters zijn serieuze mensen die zich vol overgave wijden aan hun roeping.

Hermetisch mysterieus of natuurgetrouw eenvoudig, gedichten pogen iets te vangen van wat de mens, of in elk geval de dichter, bezighoudt: emoties, erotiek, overpeinzingen, filosofie, godsbeelden, heldendaden, lofbetuigingen enzovoort. Waar een roman duizend bladzijden of meer nodig heeft om oorlog en vrede te beschrijven, volstaat een gedicht van nog geen pagina om voor eens en altijd de vloer aan te vegen met alle krijgsrumoer en vredesblabla.

De dichter, zo zegt men, is een hypergevoelige mens die signalen opvangt met zijn sprieten en via prikkels doorstuurt naar zijn frontaalkwab, waar hij ze in het spraakcentrum van Broca omzet in woorden. Scheikundig schuifwerk van elementaire deeltjes leidt zo tot literair schrijfwerk waarin de nobelste of meest perverse gevoelens verzelfstandigd worden tot taal. Het moment wordt eeuwigheid, of dat nu de alomtegenwoordigheid van God of platte wurgseks dient.

Dat is het resultaat. Het proces is meestal prozaïscher. Het schrijven na het schuiven in de kwab heeft weinig poëtisch, is domweg werk, ‘hard labeur’. Ook schrijven is immers een vorm van schuiven: waar moeten de woorden komen en waarom? Kleine verplaatsingen kunnen grote gevolgen hebben. Voorzichtigheid is dus geboden en uiteraard draait het onderbewuste de dichter graag een loer, waardoor er iets geheel anders op papier of scherm verschijnt dan hij voor ogen had. En dan het rijm, die despoot!

Ja, dichten is een ernstige aangelegenheid en vergt opperste concentratie, wat nog weleens wil leiden tot verzuchtingen als deze regels uit een licht spottend gedicht van diezelfde Pessoa, dat u hier volledig kunt lezen:

Wat een gedoe zo’n gedicht!
Je hoofd krijgt pas rust
Als je een vers in elkaar klust
Dat rijmt op wat er al ligt.

Doem-me a cabeça e o universo.
Mijn hoofd en de wereld doen zeer.
Fernando Pessoa

                                                                                                                                    Um novo sol já vai raiar.
Een nieuwe zon zal stralen.
Vinicius de Moraes

Foto Ana Carvalho

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*


Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.