Surrealisme 3 – Alexandre O’Neill

Surrealisme 3 – Alexandre O’Neill

Alexandre O’Neill (1924-1986) werd door Mário Cesariny “één van de meest meeslepende dichters uit de beginjaren van het surrealisme in Portugal” genoemd. Hij was ook bekend als foto-kunstenaar, tekenaar, literair vertaler (o.a. Bertold Brecht, Alfred Jarry) en scenarioschrijver. Veel van zijn gedichten werden op muziek gezet en gezongen door befaamde zangers (o.a. door de fado-zangeres Amália Rodrigues). Hij was ook columnist voor verschillende kranten. In 1950 had hij een hartstochtelijke relatie met de Roemeense surrealiste Nora Mitrani — een legendarische verschijning van de surrealistische groep in Parijs; O’Neill vertaalde werk van haar in het Portugees. In 1951 nam hij afstand van het surrealisme nadat hij 21 dagen gevangen was gehouden door de geheime politie. Hij bleef tot zijn dood bevriend met Mário Cesariny. O’Neill publiceerde o.a. de dichtbundels O Ampola Miraculosa (1948), Tempo de Fantasmas (1951), No Reino da Dinamarca (1958).

LIEDJE

Laat de laatste ster verdwijnen
uit de gierigheid van de nacht
dan komt de hoop hier branden
komt zij branden in ons hart

En laten ook de rivieren verdwijnen
uit het geduld van de aarde
Het is op zee waar het avontuur
de grenzen krijgt die het verdient

En laten alle zonnen verdwijnen
die wegrotten in de hemel
en die wij niet meer willen zien
— maar die op hun knieën wegkruipen

En laten alle gebaren door pure transformatie
verdwijnen uit de handen
Tussen werkelijkheid en droom
zullen wijzelf de duizeling zijn

(uit: Tempo de fantasmas, 1951)

 

            POËZIE EN RECLAME

Met grote trots zal ik door een klein
reclamevliegtuig in de onschuldige hemel
van Lissabon één van mijn verzen laten voorttrekken
één van mijn klankrijkste en langste verzen:

Het zal een liefdesgedicht zijn …

(uit: No reino de Dinamarca, 1958)

 

SOMMIGE WOORDEN GEVEN ONS EEN KUS

Sommige woorden geven ons een kus
alsof ze een mond hebben,
woorden van liefde, hoop, grote
liefde, dwaze hoop.

Naakte woorden die je kust
wanneer de nacht zijn gezicht verliest
woorden die weigeren
bij de muren van je verdriet

Plotseling kunnen ze kleurig zijn
tussen woorden zonder hart,
gehoopt of onverhoopt
zoals poëzie of liefde.

(De naam van wie liefde kostert
wordt letter voor letter onthuld
op het onoplettende marmer
op het achtergelaten blaadje.)

Woorden die ons in vervoering brengen
naar waar de nacht het krachtigst is
naar de stilte van gelieven
die elkaar omhelzen tegen de dood.

(uit: No reino de Dinamarca, 1958)

Toelichting en vertaling Laurens Vancrevel
Tekeningen Zuca Sardan

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*