Zon & Zeer – Eten

Door Harrie Lemmens

Bernardo Soares, het alter ego van Fernando Pessoa dat rusteloos de boekhouding van zijn leven voert, had een vast restaurant: een eenvoudige gelegenheid waar de kelners hem kenden en bezorgd naar zijn gezondheid informeerden als hij een keer wat minder wijn dronk. Saramago laat zijn tobbende helden doorsnee dagschotels tot zich nemen in even doorsnee eettenten. Lobo Antunes houdt zich nog volkser in leven. Eça de Queiroz daarentegen beschrijft met zijn scherpe pen het luxueuze culisegment van Lissabon, zoals Leão d’Ouro, tegenwoordig een verstoft relict om toeristen te laten proeven wat nooit was zoals het is.

Wat al die restaurants met elkaar gemeen hebben is de ongeschreven wet dat de restauranthouder er is voor de gast. Niet iedereen is altijd even vriendelijk en goedlachs, er bestaan ook zwijgzame, of noem het norse binnenvetters, maar allemaal zijn ze attent en efficiënt, weten ze het midden te houden tussen beleefde afstand en familiaire ongedwongenheid en behandelen ze de gast als de koning die hij heel even is.

Hoe anders is het soms gesteld in noordelijker contreien. Bijvoorbeeld in Amsterdam, waar wij laatst iets te vieren hadden en een tafel reserveerden in een etablissement met een naam die even gerenommeerd Frans is als de menukaart. ‘Was de Turk dicht?’ hoorden we de gastheer twee heren verwelkomen die voor ons binnen waren gestapt en niet hadden gereserveerd. Het bleek de opmaat voor een avond waar wij de spelbrekers waren van de lol die het personeel onder elkaar had. Hier had duidelijk de Franse revolutie toegeslagen. Het volk had de koning naar de guillotine gesleurd en wij kregen met een kwak het hoofd van de vorst op ons bord geserveerd. Niet eens fatsoenlijk toebereid.

 

Doem-me a cabeça e o universo.
Mijn hoofd en de wereld doen zeer.
Fernando Pessoa

Um novo sol já vai raiar.
Een nieuwe zon zal stralen.
Vinicius de Moraes

 

Foto Ana Carvalho

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*