Zon & Zeer – De kunst van het stelen

Door Harrie Lemmens
Als je tv kijkt, hoor je nog eens wat. Zoals laatst in het programma Opgelicht. Een man vroeg op Marktplaats of iemand hem uit de nood kon helpen en vlug een fiks bedrag in briefjes van vijfhonderd Euro wilde wisselen tegen buitenlands geld. Met een aardige winst voor de moeite. De man die er wel oren naar had, stond uiteraard na de transactie met beteuterde lege handen.

Over zielepoten, sukkels en schlemielen die het slachtoffer worden van flessentrekkers, kwartjesvinders en ladelichters gaat het hier, en het is een van mijn favoriete programma’s. Het laat goed zien hoezeer wij gedreven worden door hebzucht (de mensen die te naïeve goeder trouw bedrogen worden niet te na gesproken). De dollartekentjes in de ogen van Oom Dagobert, die blind maken voor de bedoelingen van de hand die de deal toeschuift.

Wat begon met linzensoep (‘Ook een bord?’ vroeg Jakob aan Ezau) kan inmiddels bogen op een eeuwenlange traditie van tillen, neppen en bedonderen, soms in de vorm van ongegeneerd jatten, soms geraffineerd verhuld door gladde praatjes en beste bedoelingen. ‘U hebt gewonnen in onze loterij, druk op de link en u bent binnen!’ gillen regelmatig e-mailtjes, in de wetenschap dat er altijd wel een nieuwsgierige vinger bereid is zijn computer over te leveren aan malversanten.

Al in de zeventiende eeuw waarschuwde de Portugese jezuïet Manuel da Costa tegen de grijpgrage klauwen van het grissende gespuis dat zoveel gedaanten aanneemt. Van laag allooi tot hoog sociaal gehalte. Van ganneferij tot geldzwendel. Van gemaskerde struikrovers tot goedgebekte bankmagnaten. In korte stukjes, zeg maar vroege columns, maakt hij de argeloze lezer attent op de diverse vormen van zwendel en knoeierij. Ze werden gebundeld in wat later een Portugese klassieker is geworden: Arte de furtar. In 2010 heb ik het boek vertaald voor Athenaeum-Polak & Van Gennep.

De kunst van het stelen wordt, zoals in die tijd te doen gebruikelijk, opgedragen aan de koning en begint aldus: ‘Een wijs man heeft ooit gezegd dat er op aarde geen mens te vinden is die zichzelf kent, want met zelfkennis is het net zo gesteld als met de eigen ogen, die alles zien behalve zichzelf. Daarom nemen ze hun volmaaktheden niet waar en merken ze hun tekortkomingen niet op, en moeten anderen hun vertellen hoe het werkelijk met ze gesteld is. Als u, sire, uzelf en de wereld waarin u leeft en waarover u heerst niet kent, zal ik u dat in een paar woorden vertellen: u bent de edelste, sterkste, machtigste en gelukkigste man van de wereld, en die wereld is een rovershol.’

Doem-me a cabeça e o universo.
Mijn hoofd en de wereld doen zeer.
Fernando Pessoa

Um novo sol já vai raiar.
Een nieuwe zon zal stralen.
Vinicius de Moraes

Foto: Ana Carvalho

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*