Een vreemdeling in Alentejo / Uma estranha no Alentejo – Gerry van der Linden

Recensie door Ingrid van der Graaf

Gerry van der Linden (1952) publiceert sinds de jaren zeventig – in een gestaag tempo – met regelmaat nieuw werk. Naast meer dan tien dichtbundels, publiceerde ze eind jaren negentig ook een drietal kleine prozawerken. Een vreemdeling, een tweetalige editie – Portugees / Nederlands – met elf gedichten en veertien foto’s van de Portugese fotograaf Luís Branco, werd vorig jaar uitgegeven bij een Portugese uitgever.

In 2013 en 2014 verbleef Van der Linden verschillende malen als schrijver in residence in de provincie Alentejo, Portugal. In die tijd schreef zij verschillende gedichten over onder meer de kurkeiken die daar groeien, de fonteinen van Borba en Évora, de aquaducten van Lissabon en de beroemde Portugese dichter en toneelschrijver Gil Vicente (1465 – 1537). Enkele van deze gedichten werden al eerder opgenomen in de dichtbundel: Stadswild die in 2014 bij Nieuw Amsterdam verscheen. Tijdens haar residentie in 2014 in Alentejo, maakte ze met de voorwerpen die zij in de omgeving vond, verschillende installaties welke door Luís Branco gefotografeerd zijn en in het boek zijn opgenomen. Hoewel er twee uitzonderingen zijn op de indeling wordt er steeds een dubbelpagina gebruikt voor een afbeelding. Beginnend met een foto van het woord, poem – gedicht – op de schakelaar van een lichtknop geschreven, dat de linkerbladzijde helemaal vult en overloopt tot halverwege de rechterbladzijde. Waarna – omslaand – een dubbelpagina gebruikt wordt voor een gedicht; linker bladspiegel in het Portugees en rechter in het origineel, Nederlands.

Het werk van Van der Linden kenmerkt zich door bescheidenheid – in omvang – en soberheid. Haar gedichten zijn in twee/drieregelige strofen opgezet, die doorgaans uit niet meer dan twee tot vijf woorden bestaan. Poëzie die met zorg is opgebouwd maar tijd vraagt om ‘in’ te komen, de cadans te vinden. De kleine kunstobjecten lijken met veel betrokkenheid te zijn samengesteld en doen vermoeden dat er geen afstand van kan worden gedaan. Ze hangen eenzaam aan de wand. Een eenzaamheid die evenwel geen stilstand of leegte vertegenwoordigt maar iets weergeeft waarbinnen ruimte ontstaat om je dingen af te vragen, ontdekkingen te doen.

Zoals in het gedicht Évoramente, waarin een boom aan de oever staat, bemost en met lange takken die tot in de hemel reiken en daar de wolken verjaagt. En dan komt er het verlangen naar de stad, of juist niet, prijst degene die de boom aan de oever ziet staan zich juist gelukkig dat de stad ver weg is? Lees zelf hoe ze weer terugkeert naar de boom aan de oever van de ‘Ribeira’:

Een boom staat op de oever

van Ribeira do São Bras

een floer mos op de bast

een eik die met takken reikt
zó dat de wolken vluchten

O hoe ver is de stad
 het getrompetter van toeristen
en de futloze fonteinen

de oeverloze liefdes
ijlings afgescheept
straten met de ramen open

een boom staat op de oever
van Ribeira do São Bras

In de eerste strofen verrassen de woorden ‘Ribeira’ en ‘floer’. Hoewel een tweetalige editie, blijft ‘beek’ of ‘stroompje’ – wat de vertaling van ribeira is – in de Nederlandse versie ‘Ribeira’. Met hoofdletter nog wel. Wat doet vermoeden dat deze waterstroom voor de dichteres grotere betekenis heeft dan de lezer kan vermoeden. En ‘floer’ geeft grappig genoeg gelijk het beeld van zacht mos dat op de schors van een boom groeit, zacht als fluweel; de boom omfloerst met mos.
Ook in het gedicht Walking the Aqueduct, wordt in het origineel (Nederlands), Portugees gebruikt.

In de Jardim das Amoreiras
drinken geliefden elkaar

Mãe d’Água das Amoreiras
geeft haar zegen

Aqueduto das Águas Livres
Aqueduto da Patriarcal
Aqueduto da Praça da Alegria
Aqueduto da Rua do Século
Aqueduto do Loreto

Miradouro de São Pedro de Alcantara!

O wat een licht wat een uitzicht wat een dorst

Het repeterende van ‘Aqueduto’ is als een zegening maar ook als een opbouwend verlangen naar iets wat onbekend is. Hier ontstaat een beeld waarachter zich een een ander beeld verschuilt. Er wordt geen grote betrokkenheid van de lezer gevraagd, enkel een open ruimte – open geest – waar de woorden als klanken kunnen resoneren.

Het lezen van de gedichten van Gerry van der Linden is als het betreden van een kale ruimte met gestucte wanden. De woorden en strofen zijn vrijwel naakt maar geven niet veel prijs. Ze zijn mysterieus en dan opeens weer met een humor die op een heel natuurlijke wijze uit de pen gekropen lijkt. Er wordt niet gezocht naar comfort, de dichteres registreert en laat aan de lezer welke betekenis daar bij hoort.  Dat is het ook: het staat er zoals het er staat, er wordt niet doorgeborduurd op betekenissen; de kamer wordt niet gevuld met overbodige prullen.

Geen overbodigheid, net als bij haar installaties. Zie het aan de muur gehangen donkerblauwe plastic tasje, – van zijn meest eenvoudige soort zoals die in Portugal kwistig door winkeliers worden vergeven bij de boodschappen – ijzerdraad door de handvatten en bovenin, waar het aan een spijker gehangen is, eenzelfde tasje, lijkt het, dat tot een bloem met lange steel is gedraaid en getiteld: Eu bem te avisei… / Ik zei het toch…

De foto’s van de kunstobjecten van Van der Linden dragen vooral titels met een knipoog als: Fala por ti… Zeg nou zelf… of If you miss me, come and kiss me.

Een vreemdeling in Alentejo bevat poëzie om naar te kijken en al zijn de foto’s niet bedoeld als illustratie bij de gedichten, passen ze heel goed in de lijn daarvan; je kijkt ernaar en raakt gevangen in een beeld, rust brengend maar vaker zoekend en soms bevreemdend zoals in:

Borba, Fontein

Ademdicht is de zon
dichterbij krioelt graniet

ze kan niet drinken
zonder kom
zonder lippen zonder tong
zonder drogen zonder dorst

zonder schaduw van een dier
water slaat uit een rots

hoe ze wegkomt

Een benauwend gedicht waarin je de dorst naar – ja, naar wat? – en de bedrukkende warmte kunt voelen. Ook ‘hoe ze wegkomt’, lijkt ternauwernood te zijn, maar waarin ook een licht genieten aanwezig is. Een vreemdeling is een intrigerende en onderzoekende bundel waarmee je met een keer lezen – zoals met alle poëzie van Van der Linden – niet klaar bent. Het lezen moet met hernieuwde interesse nog eens herhaald worden. Dat is waar deze mooi vormgegeven uitgave zeker om vraagt; het met hernieuwde interesse nog eens lezen en bekijken, en nog eens.

 

Een vreemdeling in Alentejo / Uma estranha no Alentejo
Gerry van der Linden
Vertaling: Ana Carvalho
Blz.: 48
Uitgever: Caminho das Palavras  (2016)
Te koop: Amazon.nl

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*