Aantekeningen van Saramago in aanloop naar ‘De stad der zienden’

Lucidez 1

3 februari 2003

In de nacht van 30 op 31 januari werd ik om drie uur wakker met de plotselinge gedachte dat ik het eindelijk had, het onderwerp voor een nieuwe roman, waar ik al dan niet bewust naar op zoek was. Het was die ‘blanco revolutie’ waarover ik in Madrid en Barcelona sprak bij de presentatie van O homem duplicado (De man in duplo), de blanco stem als enige efficiënte vorm van protest tegen het sacrosancte ‘democratische’ systeem waardoor wij worden geregeerd.
Alsof dat nog niet genoeg was, wist ik ook meteen, en heel stellig, dat dat boek, als het er kwam, de titel Ensaio sobre a Lucidez zou krijgen (‘Essay over de luciditeit’ – vertaald als De stad der zienden), alsof een blanco stem in de huidige wereld precies het tegenovergestelde is van de dingen, of veel van de dingen, die mensen deden in Ensaio sobre a Cegueira (‘Essay over de blindheid’ – vertaald als De stad der blinden). […]

13 februari 2003

[…] Het boek begint dan als volgt. Door het slechte weer vreest men dat de opkomst bij de verkiezingen laag zal zijn, […]. Er zijn in het land drie partijen die strijden om de macht (gemeenteraadsverkiezingen, geen parlements- of algemene verkiezingen): de rechterpartij, de middenpartij, de linkerpartij, alles met kleine letters, zoals ook de bijbehorende afkortingen in kleine letters zullen zijn: rp, mp en lp. Hoewel er de dagen voorafgaand aan de verkiezingen flink is opgeroepen om te stemmen, komen de verwachtingen uit. Om vier uur ’s middags heeft nog maar 20% van de kiezers gestemd en het regent en waait nog steeds. Maar precies op dat moment […], als op een afgesproken teken, gaan de mensen die tot dan toe zijn thuisgebleven op weg naar de stemlokalen. […] Nadat de stembussen zijn geopend en de stemmen geteld, blijkt dat nog geen 25% van de geregistreerde kiezers een geldige stem heeft uitgebracht en dat alle andere stembiljetten blanco uit de bus zijn gekomen. […]

De dagen erna zal worden besproken of de verkiezingsuitslag geldig is. De rp, die de stad bestuurt, zegt van niet en dat de status quo dus moet worden gehandhaafd totdat er nieuwe verkiezingen zijn gehouden. De mp, die meer stemmen kreeg, zegt dat de uitslag geldig is en dat de macht dus naar haar toe moet. De kieswet geeft geen uitsluitsel (Portugese kieswet bekijken). De lp zegt voorzichtig dat de blanco biljetten uitingen van protest zijn en dat ze, in theorie althans, samenvallen met haar politieke en ideologische standpunten. […] Politie, ondervragingen, pogingen tot omkoping. Niemand praat, om de eenvoudige reden dat niemand iets te zeggen heeft. Dat men om vier uur de deur uitging was toeval of omdat het een klein beetje opklaarde. En de blanco stem? Blanco stemmen is niet verboden…

Krachtens besluit van de bevoegde rechtbank worden de verkiezingen ongeldig verklaard en twee weken later overgedaan. […]  Vanaf dat moment wordt de situatie steeds ingewikkelder. Ik zie nog wel hoe.

17 maart 2003

[…] de titel van de roman wil dat de personages dezelfde zijn als die uit het andere essay, over de blindheid. […]

29 maart 2003

Het eerste hoofdstuk […]. Televisie en radio doen een appel op de burgerzin van de kiezers, die ondanks de barre weersomstandigheden vooral niet thuis moeten blijven. De gezwollen taal gebruiken die bij vaderlandsliefde hoort. […]

19 april 2003 – in een vliegtuig boven de Middellandse Zee

Het idee dat de personages uit de Blinden moeten terugkomen in de Zienden lijkt me steeds beter. De titel van het nieuwe boek suggereert al een vorm van continuïteit, die dan wordt bevestigd door de personages. In het hoofd van de verblufte autoriteiten zal het vermoeden postvatten dat de vrouw die in de Blinden haar gezichtsvermogen niet verloor iets te maken kan hebben met het ‘fenomeen’ van nu. Het is een logische stap van haar naar degenen wier gids zij was. […]

22 mei 2003

Het worden geen gemeenteraadsverkiezingen maar parlementsverkiezingen, en de stad is de hoofdstad van het land, waar ook de gebeurtenissen uit de Blinden zich concentreerden. Op die manier wordt het ook een zaak van nationaal belang. […]

31 mei 2003 – tussen Badajoz en Madrid, in de auto, op de terugweg van jury-overleg voor de Prémio Estremadura

[…] Ik heb het einde. De ‘geheime dienst’, die er maar niet achter komt waarom de mensen blanco gingen stemmen (dat het een recht is lijkt ze niet genoeg), besluit een voorbeeld te stellen: het kopstuk doden, de vrouw van de oogarts dus. Een scherpschutter installeert zich in een huis recht achter het hare. De vrouw van de oogarts zal met één schot worden gedood wanneer ze op het balkon komt waarop de drie vrouwen uit De stad der blinden zich wasten. De hond komt kijken wat er is en begint te janken. […]

3 juni 2003 – de dag waarop Sophia de Mello Breyner de Koningin Sofia-prijs voor Ibero-Amerikaanse poëzie kreeg

Het einde zal niet zijn zoals ik hierboven beschreef. De vrouw van de oogarts zal worden vermoord, maar niet op haar achterbalkon. Ze wordt gedood in een plantsoen, waar ze de hond van de tranen aan het uitlaten is. De hond zal gaan janken en eveneens worden gedood. […]

(23 juni 2003 – begonnen met schrijven)

1 juli 2003

[…] als er een paar jaar geleden een groep was, aangevoerd door een vrouw die in de collectieve ramp een uitzonderingspositie had, dan is de hypothese dat die groep nu iets te maken heeft met de netelige, door de massale blanco stem gecreëerde politieke en maatschappelijke situatie, toch niet onaannemelijk?

[…] de eerste blinde (iemand met een twijfelachtig karakter, zoals in de Blinden al bleek, en inmiddels gescheiden) wordt de link […], die de verdenking voedt na haar te hebben gewekt. […]

Als wat ik nu heb geschreven bruikbaar is, dan moet er kort na de tweede stemming tot actie worden overgegaan, zodat in korte tijd de sfeer van achterdocht kan ontstaan die het leven van de ‘helden’ uit de Blinden tot een hel zal maken.[…]

lucidez2

11 juli 2003

Het water stijgt me tot aan de lippen met dit boek (als ik er niet in kopje onder ga…). Niet eerder een roman waar ik het zo benauwd van kreeg. Niet alleen zijn er de twijfels, ik heb ineens ook moeite een verhaal ‘op te vullen’ […] dat in twintig bladzijden verteld kan zijn […] (ik denk dat dit mijn dunste boek wordt). […]

Vanavond, op het balkon, kijkend naar de wassende maan, kreeg ik een ingeving waar ik veel aan kan hebben: een andere stad wordt tot hoofdstad gemaakt, zodat er een getto wordt gecreëerd voor de ‘rebellen’ […]. Ik denk dat deze situatie het verhaal zal ‘verrijken’. De personages zullen dan zijn (ik schrap het schele jongetje, want hij heeft zijn moeder teruggevonden en niemand heeft meer iets van hem gehoord…):

De eerste blinde, die de ‘verklikker’ zal zijn (hij is gescheiden van zijn vrouw)
Het meisje met de zonnebril en de oude man met het ooglapje
De vrouw van de eerste blinde
De vrouw van de oogarts en haar man
De schrijver
De hond van de tranen

Opgelet: de gebeurtenissen vinden plaats vier jaar na de blindheids-‘epidemie’. Ik wil niet dat mijn personages heel veel ouder zijn dan toen…

[…]

14 juli 2003

Het woord ‘blanco’ verdwijnt uit het vocabulaire: het gebruik ervan is gevaarlijk geworden. De verdachten worden aan een machine gekoppeld (type leugendetector) en moeten dan het woord ‘blanco’ uitspreken…

[…]

16 juli 2003

De eerste blinde is een van de vijfhonderd mensen die worden ondervraagd. Zoals eerder bedacht zal hij de drijvende kracht zijn achter de gebeurtenissen tot aan de moord op de vrouw van de oogarts. […]

18 juli 2003

Volgorde van de gebeurtenissen:

  1. De leugendetector. Geen resultaat. Doodlopende weg. Een van de ‘patiënten’ valt op (hoe?): de eerste blinde.
  2. Afkondiging van de staat van beleg. Andere stad wordt aangewezen als hoofdstad.
  3. Bijeenkomst van de ministerraad in tegenwoordigheid van het staatshoofd om de situatie te bespreken. Allerlei meningen. Een terloopse opmerking van het staatshoofd: ‘We tasten in het duister, als blinden.’ Aan het andere einde van de tafel de minister van cultuur: ‘Net als vier jaar geleden.’ Algehele bevreemding. De minister van defensie: ‘We hadden besloten nooit meer te praten over wat er is gebeurd.’ De minister van binnenlandse zaken: ‘De plaag van nu is ook een vorm van blindheid.’ De minister van justitie: ‘Of van luciditeit.’ Protest, verontwaardiging. De minister van binnenlandse zaken: ‘Nog even en ik ga denken dat mijn gewaardeerde collega blanco heeft gestemd.’ De minister van justitie: ‘Als u dat zou denken, zat u goed.’ Stilte. De premier: ‘Beseft u wat u daar zegt?’ De minister van justitie: ‘Dat besef ik zo goed dat ik mijn ontslag aanbied, nu meteen.’ Hij vertrekt. De minister van cultuur: ‘Ik dien ook mijn ontslag in.’ […] Reacties van de bevolking.
  4. Het staatshoofd krijgt een brief. Een ‘patiënt’ laat weten dat hij belangrijke onthullingen heeft in verband met wat er vier jaar geleden is gebeurd. […] De eerste blinde vertelt over de belevenissen van de groep van zeven. Hij vergeet niet erbij te zeggen dat de vrouw van de oogarts iemand heeft vermoord…
  5. Eerste ondervraging van de vrouw van de oogarts. Waarom werd zij niet blind? Hoe valt te verklaren dat iedereen blind werd en zij niet?

Vertaling: Maartje de Kort
Foto’s: Ana Carvalho

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*