Woorden en een warme herinnering

hoofs carneira

Door Piet Janssen

Op 23 februari van dit jaar kocht ik in Porto een mok waarop het weldoorvoede hoofd van de schrijver Mário de Sá-Carneiro (1890-1916) stond afgebeeld, met de tekst: ‘Eu. O outro.’(Ik. De ander). Toeval of niet maar op dezelfde dag droeg één van de drie volgende personen Isaque Ferreira, João Rios en Rui Spranger een gedicht van Sá-Carneiro voor, op straat in Póvoa de Varzim  – zie ook op Zuca. Dit alles gebeurde aan de vooravond van het jaarlijkse lokale en internationale literair festival Correntes d’Escritas.

Op 25 februari zaten we om tien uur ’s ochtends in de volle grote zaal van het Cine Teatro Garrett van Póvoa naar de voorzitter en vijf schrijvers op het podium te kijken, één van de vijf was Harrie Lemmens die o.a. werk van Mário de Sá-Carneiro heeft vertaald. Ik zat samen met mijn vrouw en de vrouw van Lemmens, Ana Carvalho in de zaal. Na afloop van deze bijeenkomst zou Ana Carvalho  ons langs haar foto expositie leiden, getiteld: O Mundo de Lobo Antunes. Prachtige foto’s over onder meer de niet-ontmoeting of de ‘desencontro’ van personages die, hoewel je ze samen ziet, niet samen zijn. Want het was inderdaad Lobo Antunes die – vanwege zijn gezondheid niet aanwezig – geëerd werd met deze tentoonstelling. Bovendien was ook de helft van het speciale tijdschrift van het festival aan hem gewijd.

Het festivaltijdschrift opent met een stuk van de wethouder van cultuur van Póvoa de Varzim. Hij schrijft dat je in deze moderne tijd van smartphones van tevoren weet wat je qua weer of route te wachten staat. Maar weten wat een festival als dit je brengt, dat niet. En dat bleek. De vijf schrijvers die hun licht mochten laten schijnen over het thema van de ochtend: ‘Como fugir ao que já foi escrito’ (Hoe te ontsnappen aan wat al geschreven was), verschilden nogal van inzicht over wat ik opvatte als ‘hoe slaag je er – als schrijver – in om met iets nieuws te komen’. Rui Vieira meende dat de schrijver schrijft om niet alleen te zijn en dat de lezer leest vanwege hetzelfde, een ander meldde dat het geschrevene simpelweg geschreven moet worden, en  Lemmens haalde het aloude adagium van Herakleitos aan dat sowieso alles verandert, en beweerde dat gelijke woorden in een andere context een andere betekenis krijgen.
voorgeod
Ook zonder smartphone was het weer in Póvoa voortreffelijk, zoals ook het uitzicht op de zee. In het strandpaviljoen bij een glas wijn trof ik ten slotte op bladzijde 16 van het festivaltijdschrift een bijna paginagroot hoofd van Vergílio Ferreira (1916-1996) aan. Zijn boek Para Sempre (Voorgoed 1996)) heb ik ooit vertaald. Zijn uitgever eerde Ferreira vanwege zijn honderdste geboortejaar. Een warm gevoel ging er door me heen, en ineens begreep ik waarom er in de boekhandels van Porto zovele nieuwe heruitgaven van zijn boeken hadden gelegen. Ik herinnerde me dat het grote thema van Vergílio Ferreira het woord was geweest. Voor schrijvers, woordkunstenaars tenslotte, zal het woord altijd een thema zijn, ook voor die van het Correntes d’Escritas van 2016 in Póvoa.

 

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*