Zo duidelijk als wat

jpg_cover_NL_het_is_altijd_nu_WEB_1

Door Bernardo Carvalho

Een paar jaar geleden had iemand bij ons in het bedrijf een geniaal idee: wat als iedereen nou eens hetzelfde boek zou lezen? We gingen er enthousiast mee aan de slag en trokken een flink aantal nieuwe mensen aan om het boek te vinden dat iedereen moest lezen. De salarissen stegen en om die steeds hogere salarissen te kunnen betalen werd het vinden van dat boek steeds dringender, net zoals het boek zelf ook steeds onontbeerlijker werd. De bedrijfsvooruitzichten werden een stuk interessanter, maar we zaten natuurlijk wel nog in de beginfase van proefballonnetjes oplaten en fouten maken.

Stukje bij beetje werd het idee verder uitgewerkt en we beseften dat er, om de bonussen te rechtvaardigen die we nu toekenden, eigenlijk elk jaar zo’n door iedereen gelezen boek moest uitkomen. Ideaal zou zijn als we om het halfjaar een boek hadden dat door iedereen gelezen werd, of, waarom ook niet, om de maand, of zelfs twee of drie per maand. En het zou ook moeten lijken alsof het om verschillende boeken ging, hoewel het steeds hetzelfde was. Een boek dat iedereen leest verenigt, zorgt voor consensus, overeenstemming in het denken, terwijl iedereen tegelijkertijd gelooft dat hij anders, origineler denkt dan de rest. Als je dus steeds hetzelfde boek hebt, krijg je geen problemen. We dachten: als we continuïteit kunnen geven aan ons project weten we over een paar jaar niet meer wat het is om van mening te verschillen. Van mening verschillen is slecht. Want meningsverschillen lopen uit op ruzie. En ruzie is een probleem.

Toen wij bij ons in het bedrijf op dat geniale idee kwamen, kreeg iemand van een ander bedrijf een even geniaal idee: als nou eens iedereen precies hetzelfde zou doen terwijl hij denkt dat hij iets anders doet, zou het dan niet veel makkelijker zijn controle uit te oefenen op de wereld en dus het boek te vinden dat iedereen gaat lezen? En als we nou eens om dat gedaan te krijgen een mechanisme creëerden waardoor steeds meer mensen iets zouden lezen naarmate het meer gelezen werd en steeds meer mensen iets zouden bekijken naarmate het vaker gezien werd? Klinkt dat niet logisch? En zou het niet veel makkelijker voor ons allemaal zijn als we de klus om het boek dat iedereen wil lezen te vinden overlieten aan dat overbodige, vanzelfsprekende en logische mechanisme? Een mechanisme dat bij wijze van spreken slechts de wil van de gebruikers uitdrukt, die zelf het mechanisme op gang brengen − terwijl ze er zonder het te merken door gebruikt worden − in het geloof dat ze uit even vrije als spontane wil handelen?

(…)

Een paar jaar geleden had iemand bij ons in het bedrijf nog een geniaal idee (wij hebben veel geniale ideeën bij ons in het bedrijf): wat als we nou eens de taal die iedereen spreekt, bij wijze van spreken dan, in figuurlijke zin, de taal die iedereen verstaat, als we die zouden gebruiken om iedereen hetzelfde boek te laten lezen? Zou dat niet logisch en normaal zijn? En als we ervoor zouden zorgen dat de mensen uit de meest uiteenlopende talen in steeds minder talen zouden schrijven, tot we uitkwamen bij één taal, dezelfde taal voor iedereen? Natuurlijk zouden we dat wel op een of andere manier aantrekkelijk moeten maken. En wat is er aantrekkelijker dan weten dat je in de taal schrijft die iedereen leest, de taal die iedereen verstaat? En als we, om de diehards te overtuigen die het vertikten om in diezelfde taal te schrijven, de indruk wekten dat we nog steeds in verschillende talen schreven? Hoe dan, hoor ik u vragen?

We zouden alleen maar hoeven voor te stellen dat de mensen uit gebieden waar andere talen worden gesproken hun ervaringen zouden opschrijven in de taal die iedereen spreekt en verstaat. Zou dat niet geweldig zijn? Bovendien zouden we in één moeite door de noodzaak van het vertalen opheffen. Ze zouden alleen maar het accent en de couleur locale van talen die niet iedereen spreekt en verstaat hoeven na te bootsen in die ene, gemeenschappelijke taal. En als we nou eens een naam verzonnen voor al die accenten binnen één en dezelfde taal? Iets in de trant van multiculturalisme? Zou dat niet ongelooflijk zijn? De indruk zou in elk geval erg positief zijn. Alsof iedereen over de hele wereld in één en dezelfde taal zou kunnen zitten. Op die manier zouden er geen problemen meer zijn. Wij houden niet van problemen. Problemen leveren geen geld op en je krijgt er koppijn van. Zo zou iedereen blijven geloven in totaal verschillende werelden terwijl de hele wereld volkomen gelijk zou zijn. En steeds gelijker zou worden, hoewel ogenschijnlijk steeds verschillender, omdat iedereen in dezelfde taal zou lezen wat vroeger in andere talen was geschreven die niet iedereen leest, met als voordeel dat we niet eens meer zouden hoeven betalen voor de vertalingen.

(…)

Wij geven de mensen wat ze willen. Wij voorzien in een vraag. Wij geven een bevestiging door middel van ons realisme. Niemand is op zoek naar contradicties en paradoxen. Wij werken met zekerheden. En de terroristen van de uitzondering willen twijfel en tweedracht zaaien. Er is niets vervelender dan twijfel. Wie wil er nou twijfelen? En waar dient de literatuur anders voor dan te bevestigen en te behagen?

Zo duidelijk als wat!

Lezing bij de opening van het seizoen 2014-2015 in het internationaal literatuurhuis Passa Porta, Brussel, 16 oktober 2014. Opgenomen in het jubileumboek Het is altijd nu, De Geus 2015.
Vertaling: Harrie Lemmens

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*