Hoe u mij moet lezen

 lobo-hoe u me moet lezen(1)

Ik eis dat de lezer een stem heeft

Door António Lobo Antunes

Telkens als iemand zegt dat hij een boek van mij heeft gelezen, ben ik hevig teleurgesteld door de vergissing die hij maakt. Mijn boeken zijn namelijk niet bedoeld om gelezen te worden in de gangbare betekenis van het woord: de enige manier
volgens mij om de romans die ik schrijf te benaderen is ze te beschouwen als een ziekte die je oploopt. Over Bjørn Borg werd vroeger gezegd, als men hem vergeleek met andere tennissers, dat hij niet zoals alle anderen tennis maar iets anders speelde. De dingen die ik voor het gemak romans heb genoemd, en die ik net zo goed gedichten of visioenen of wat dan ook had kunnen noemen, kunnen alleen begrepen worden wanneer ze beschouwd worden als iets anders. De lezer moet afzien van zijn eigen sleutel

de sleutel die we allemaal hebben om het leven te ontcijferen, dat van ons en dat van de anderen
en de sleutel gebruiken die de tekst hem biedt. Gebeurt dat niet, dan wordt die tekst onbegrijpelijk, aangezien de woorden slechts tekens van innerlijke gevoelens zijn, en de personages, situaties en plot de uiterlijke voorwendsels die ik gebruik om naar de omgekeerde bodem van de ziel te leiden. Het echte avontuur dat ik voorstel, is het avontuur dat verteller en lezer samen gestalte geven in het donker van het onbewuste, bij de bron van de menselijke aard. Wie dat niet begrijpt, zal alleen de minder belangrijke deelaspecten van de boeken zien: Portugal, de man-vrouw-relatie, het probleem van de identiteit en de zoektocht daarnaar, Afrika en de wreedheid van de koloniale uitbuiting, enzovoort, thema’s die misschien heel belangrijk zijn vanuit politiek of sociaal of antropologisch oogpunt, maar die niets te maken hebben met mijn werk. Het hoogste wat het leven ons in het algemeen geeft, is een zekere kennis van dat leven, die veel te laat komt. Daarom zitten er in mijn boeken geen exclusieve betekenissen of vastomlijnde conclusies: het zijn slechts materiële symbolen van fantastische droombeelden, de verminkte rationaliteit die ons kenmerkt. U moet abstraheren van de schijnbare slordigheid van mijn boeken, van hun onderbrekingen, hun lange ellipsen, het spookachtige aan- en afrollen van golven die u heel geleidelijk naar het fatale donker zullen leiden, dat onontbeerlijk is voor de herleving en vernieuwing van de geest. Het vertrouwen in de algemene waarden moet bladzij na bladzij vervliegen, onze bedrieglijke innerlijke samenhang moet stap voor stap de betekenis verliezen die hij niet heeft en die wij er toch aan geven, en uit die schok moet een andere orde ontstaan, misschien bitter maar onvermijdelijk. Ik zou willen dat de romans in de boekhandel niet naast de andere lagen, maar daarvan afgezonderd in een hermetisch gesloten doos, om de andere verhalen of de argeloze lezers niet te besmetten: het komt je namelijk duur te staan als je een leugen zoekt en de waarheid vindt. Loopt u door mijn bladzijden als in een droom, want in die droom, in de lichte en donkere plekken ervan, zult u de betekenissen van de roman vinden, met een intensiteit die beantwoordt aan uw gevoel voor licht en het donker van uw voorgeschiedenis. En als u uw reis hebt beëindigd
en het boek hebt dichtgeslagen
herstelt u dan. Ik eis dat de lezer een stem heeft tussen de stemmen van de roman
of het gedicht, of het visioen, of hoe u het ook wilt noemen
om een plaats te kunnen veroveren tussen de duivels en engelen van de aarde. Iedere andere manier om wat ik schrijf te benaderen is
blijft beperkt tot
simpelweg lezen, leidt niet binnen in de woestijn waar het vlees van de bezoeker wordt verteerd in eenzaamheid en blijdschap. Dit is helemaal niet moeilijk als u het werk beschouwt als een ziekte, zoals ik hierboven schrijf: u zult zien dat u beladen met buit terugkeert van uzelf. Sommige
bijna alle
misverstanden met betrekking tot wat ik doe komen voort uit het feit dat men hetgeen ik schrijf benadert zoals men ons heeft geleerd om ieder verhaal te benaderen. En dan komt de verrassing dat er geen sprake is van een verhaal in de normale betekenis van het woord, maar slechts van grote concentrische cirkels die smaller worden en schijnbaar verstikkend werken. En ze doen dat kennelijk alleen om ons beter te laten ademen. Werp af die kleren van beschaafde schepsels, die vol voorbehouden zitten, en sta uzelf toe te luisteren naar de stem van uw lichaam. Sla acht op het feit dat de figuren die mijn teksten bevolken niet beschreven worden en nauwelijks reliëf hebben: het gaat namelijk om uzelf. Ik heb ooit gezegd dat het ideale boek een boek is waarin alle bladzijden spiegels zijn: ze weerspiegelen mij en de lezer, tot geen van ons beiden meer weet wie we zijn. Ik probeer te bereiken dat elk van ons ons allebei is en dat we terugkeren van die spiegels als iemand die terugkeert uit de grot van wat hij was. Het is de enige redding die ik ken en zelfs al zou ik andere kennen, de enige die me interesseert. Het werd tijd dat ik een keer duidelijk maakte wat ik denk over de kunst van het romanschrijven, ik die meestal met een geamuseerde nonchalance antwoord geef op de vragen van journalisten, omdat die me overbodig lijken: zodra je de antwoorden weet, verliezen alle vragen hun belang. En laat u alstublieft het oordelen achterwege: zodra je begrijpt, houdt het oordelen op en sta je verschrikt voor de stralende eenvoud van alles. Want mijn romans zijn veel eenvoudiger dan het lijkt: het eten van mensen met een honger die nooit overgaat en de strijd tegen de avonturen zonder berekening maar met een praktische betekenis die de meeste romans zijn. Het probleem is dat ze het wezenlijke missen: de intense waardigheid van een volledig schepsel. Faulkner, van wie ik niet meer zo hou als vroeger, zei dat hij had ontdekt dat schrijven iets heel moois is: het maakt dat de mensen op hun achterpoten lopen en een enorme schaduw werpen. Ik vraag u die schaduw te zien, te begrijpen dat hij van u is en dat hij datgene is wat in het beste geval samenhang kan verlenen aan uw leven.

 

lobo-hoe-u-me-moet-lezen2

 

Gepubliceerd in Visão, 3 januari 2002

vertaling: Harrie Lemmens

foto’s: Ana Carvalho

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*